Toen mijn lichaam schreeuwde en eindelijk losliet
Na nog geen week pauze diende zich onverwacht een gelegenheid aan. Mijn lichaam zei volmondig ja. Ik stapte opnieuw in een workshop trauma release breathing met Ophélie. Onderweg voelde ik hoe de herinnering aan kinderlijke buikpijn zich aankondigde. Er zat nog iets. Zou het opnieuw worden aangeraakt, of zouden er andere lagen naar boven komen?
In de geluidsdichte kamer begeleidden Ophélie en Walter mij en nog een andere vrouw door de continue ademhaling. Een blinddoek schermde mij af van het felle TL-licht. Binnen enkele minuten begon het tintelen. Al snel nam een verkramping mijn bekken over. Het voelde alsof het elk moment in twee kon breken. Meerdere keren verdween ik even, alsof mijn bewustzijn mij wilde wegtrekken van wat er gebeurde. Mijn ademhaling werd opnieuw gegijzeld.
En toch bleef ik. Warme handen riepen mij terug. Ophélie riep zacht mijn naam of knipte met haar vingers. Soms vond ik zelf de kracht om terug te keren, half verdwaald maar aanwezig.
Waarom blijft dat oude mechanisme zich herhalen? Probeert mijn brein mij te beschermen of mijn ziel? Zijn ze bondgenoten of tegenstanders? Willen ze mij sparen, of juist verhinderen dat ik opnieuw doorleef wat diep opgesloten zit?
De pijn in mijn rechterschouderkop nam alles over. Scherp, rauw, ondraaglijk. Ik kon nauwelijks praten. Toch kon ik Ophélie’s aandacht vangen en vonden haar vingers de plek. Toen ze druk zette, schreeuwde ik het uit. Niet zacht, niet ingehouden, maar luid. Rauw. Onverwacht. Walter hielp mij mijn adem terug te vinden, terwijl mijn ogen houvast zochten in die van Ophélie. Haar vingers bleven zoeken naar het punt dat verplaatst was. We bleven elkaar aankijken. Ik knikte.
“Diep inademen en…” Ze duwde opnieuw. Alles in mij schreeuwde mee. Tranen stroomden, zoute smaak op mijn lippen, mijn lijf nog steeds in de zijwaartse verkramping. Er zat nog iets. Ophélie ging verder. Bij de derde keer krijste ik, gilde te stoppen. Ze liet los, streelde mijn gezicht en legde haar hand samen met die van Walter op mijn buik. Warm en geruststellend.
En toen gebeurde het. Mijn lichaam liet los.
Mijn ademhaling vertraagde. De verkramping viel uiteen. Alsof een zachte hand mij neerlegde op een wolk. Tranen stroomden nog steeds, maar de pijn was weg. Bekken, schouder, onderbuik: stil. Geen innerlijk kind dat zich verzette, geen wit gezichtje dat alles wilde tegenhouden. Alleen ik. Ik die eindelijk mijn stem gaf aan een pijn die te lang opgesloten had gezeten.
Een stukje was opgeruimd.
Ik voelde hoe mijn lichaam eindelijk zei wat mijn geest al jaren verzweeg.
“Het lichaam liegt nooit. Het vertelt ons wat de geest niet kan dragen.” – Bessel van der Kolk
Na afloop stond er eten klaar, maar mijn lichaam vroeg er niet naar. Geen honger, geen drang. Aan de overkant van de zaal zat een andere vrouw, gehuld in haar deken, rug tegen de muur. Haar blik moe en verward, maar ook herkenbaar. We hadden allebei iets losgelaten, elk op onze eigen manier.
Een half uur later ruimden we samen de ruimte op en namen afscheid. Buiten liet ik de zachte regen over mijn gezicht vallen. Geen gewone regen, maar lieflijk. Elk druppeltje herinnerde mij eraan dat genezing soms begint met één adem, één schreeuw, en vooral de moed om te blijven.
Wat er lichamelijk gebeurde
Tijdens trauma release breathing kan de ademhaling het zenuwstelsel in een staat van hyperarousal brengen (⁕ hyperarousal betekent een overmatige activatie van het zenuwstelsel, waarbij het lichaam in een soort alarmstand schiet: hartslag versnelt, spieren spannen zich op, ademhaling versnelt). Het bloed wordt overspoeld met zuurstof, wat tintelingen veroorzaakt. Spieren trekken samen en slaan opgeslagen spanning uit het verleden opnieuw op de voorgrond. Het lichaam herinnert zich wat het verstand lang had verdrongen. Door aanraking en ademhaling wordt dit circuit doorbroken: het sympathisch zenuwstelsel schakelt terug, het parasympathisch zenuwstelsel neemt over. Het resultaat is ontlading, rust, en vaak een gevoel van hergeboorte.
Bronnen & inspiratie
Wetenschappelijk
Bessel van der Kolk – The Body Keeps the Score
Peter Levine – Waking the Tiger
Stephen Porges – Polyvagal Theory
Spiritueel
Toko-pa Turner – Belonging
Judith Hanson Lasater – over adem en aanwezigheid
Boeddhistische adempraktijken
Begrippen uitgelegd
Hyperarousal
Dit betekent dat het zenuwstelsel in een alarmstand schiet. Het lichaam reageert alsof er gevaar is, ook al is dat er niet. Hartslag en ademhaling versnellen, spieren spannen zich op, er kunnen tintelingen of een gevoel van onrust ontstaan.
Parasympathisch zenuwstelsel
Dit is het deel van je zenuwstelsel dat zorgt voor rust en herstel. Wanneer het actief wordt, vertraagt je hartslag, ontspant je ademhaling en komen je spieren tot rust. Het is het tegengewicht van de stressreactie en helpt je lichaam terugkeren naar balans.
